De grenzen van de kunst

Gepubliceerd op 2 januari 2026 om 11:50

Juist als ik op vakantie ben, bezoek ik graag een aantal musea. Vandaag ga ik binnenkijken bij het LWL Museum voor kunst en cultuur in Munster.

 

Een mooie hal in serene witte architectuur is het startpunt. Ik volg de route zoals aangegeven staat. Op de eerste verdieping aangekomen word ik als het ware in een tijdcapsule naar de jaren 1100 teruggezet. Prachtige beeldhouwwerken van historische personages in steen en hout uitgevoerd.

 

Ruimte voor ruimte reis ik weer vooruit en kom ik bij de hedendaagse kunst. Er zijn twee werken die mijn aandacht trekken; een kunstwerk van Lucio Fontana, ‘Concetto spaziale’, (ruimtelijk concept); een zwart doek met een schuine snee dwars door het doek heen. In een andere zaal hangt het doek ‘Poëtisch blauw’ van Ernst Wilhelm Nay, een veelkleurig schilderij met ronde vormen die mij aan bloemen doen denken. Waar de één uitbundig met kleuren is, heeft de ander aan een simpele insnijding in het doek genoeg. Minder is meer en meer is minder, of is het precies andersom? Ze laten duidelijk de tegenstelling zien tussen ingetogen of juist uitbundig van karakter. De meer introverte en de meer extraverte manier van verbeelden.

 

Met veel voldoening verlaat ik het museum in Munster. In dit museum kom ik graag nog een keer terug.

 

Op de laatste dag van de vakantie bezoek ik op de terugweg ook het Van Abbemuseum in Eindhoven, dat ik heel anders ervaar. Binnengekomen loop ik door het nieuwe gedeelte van het museum waar ook een schilderij van Karel Appel en van Pablo Picasso hangen.  Beide voor mij herkenbare werken door hun eigen uitgesproken stijl. Wat ik tot mijn verrassing ook aantref in dit museum is een doek van Fontana met een insnijding erin maar nu in het wit. Hij maakte er een hele reeks van in allerlei variaties. Daarmee wilde hij onderzoeken hoe hij de ruimte kon betrekken in het schilderij. Fontana snijdt hiermee een groot onderwerp aan.

 

Na het nieuwe gedeelte kom ik in het historische deel van het museum waar een tijdelijke expositie is te zien. Ik had verwacht de vroegere kunst juist in dit gedeelte van het museum aan te treffen, maar hier wordt dus bewust gespeelt met de tijden. Meteen in de eerste ruimte word ik stilgezet. Ik zie een grote witte hal met een enorm lange rij gebruikte rubberen oprijplaten aan de muur gemonteerd. Daarna een ruimte met een verlaagd gipsplaten plafond. Ik loop tussen een soort van kniehoge houten bekistingen door. In het middden staat een houten luidspeker (Leslie Box) die monotone onsamenhangende geluiden de ruimte inslingert. Tot slot een volgekwaste muur met warrige verfstreken. Een onsamenhangende opstelling waarvan de betekenis mij ontgaat. Ik kan geen informatie vinden en ik zie in dit gedeelte van het museum ook geen andere bezoekers. Het geeft mij een onbehaaglijk gevoel.

 

Ik vraag mij af, of de tijdcapsule die mij in het LWL museum in Munster 1000 jaar terugzette, mij nu 100 jaar verder zet. Of zijn we over de grenzen van wat kunst is heengegaan?


Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.